Discipline

[De Pers, 8 oktober 2008]

In het trappenhuis van de school van mijn dochter hangt een schoolbord: ‘Competitie Bord voor ons Gedrag’. Het hoort bij de lokale afdeling van de school – mijn dochter zit op de internationale afdeling en die heeft eigen regels – en elke keer als ik erlangs loop, werp ik er een blik op. De onderdelen zijn onder meer: Eisen voor het Uniform, Ochtendgymnastiek, Oogoefeningen en Netheid van het Klaslokaal. Een plaatje met een belletje betekent ‘harder werken!’, een met een vrachtautootje ‘goed, probeer het beter!’ en een smiley ‘goed gedaan!’

Vandaag hebben alleen de oogoefeningen een smiley gekregen. Ik zie een hele rij vrachtautootjes en een belletje bij ochtendgymnastiek.

Misschien, peins ik als ik de trap oploop en zowat ondersteboven wordt gelopen door horden kinderen die gillend de trappen afracen, zouden ze er een onderdeel aan toe kunnen voegen: Regels voor het Traplopen. Zoveel discipline als er van de kinderen wordt gevraagd tijdens de lessen, zo weinig is ervan terug te zien buiten de klas. Alsof ze dan stoom moeten afblazen. En alsof al die regels niet meer tellen buiten de klas.

Chinezen lijken die discrepantie normaal te vinden. Als op de eerste maandag van de maand de vlag wordt gehesen, lopen de kinderen van de lokale afdeling keurig in rij, met de armen over elkaar, het veld op. Maar kom kijken in de pauze en het is anarchie: jongens die elkaar stompen en schoppen, meisjes die elkaar uitjoelen. De surveillerende ayi’s (hulpen) kijken de andere kant op. Ze hebben geen gezag: het zijn maar ayi’s. Voor ayi’s – vaak migranten van het platteland – is geen respect.

Discipline en beleefd gedrag lijken twee totaal verschillende zaken in China. Discipline is doen wat je gezegd wordt. Als je opdracht krijgt beleefd te zijn, doe je dat. Kijk naar de Olympische Spelen –  bezoekers zijn met alle egards ontvangen. Maar in de supermarkt dreigt iemand dwars door je heen te lopen om bij dat pak rijst te komen waar jij toevallig voor staat.

De kunst van de discipline is iets waar Chinezen trots op zijn. Filmregisseur Zhang Yimou, die de openings- en slotceremonie van de Olympische Spelen regisseerde, verwoordde het in een interview met een Chinese krant zo: ‘Onze menselijke uitvoering is nummer twee in de wereld. Nummer een is Noord-Korea. Hun uitvoeringen zijn zo uniform! Dit soort uniformiteit brengt schoonheid. Wij Chinezen kunnen dat ook, na harde training en stricte discipline. De dansers luisteren naar de bevelen en kunnen deze opvolgen als computers. Buitenlanders bewonderen dit. Dit is de Chinese spirit.’

[terug naar beginpagina]
[terug naar overzicht columns China]