In Nederland

IEDEREEN EEN ROBOT EN EEN BASISINKOMEN!

[De Stemming, L1, 21 juni 2015]

Persoonlijk kan ik niet wachten tot de robotisering een alledaags verschijnsel is geworden. Het vooruitzicht van zo’n robotmannetje dat je opdrachten kunt geven en dat jou dan vriendelijk toeknikt! Terwijl ik aan deze column werk, pakt hij de stofdoek, tilt met zijn fijne robotvingertjes alle voorwerpen voorzichtig op en stoft de kamer. Ik aai hem over zijn hoofd en geef hem instructies om de badkamervloer te dweilen. Mijn hulpje kraait van plezier, want hij herkent mijn stem en hij voelt dat ik blij wordt van al die klusjes die hij voor mij doet.

Fictie? Nee, hij is binnen handbereik, zo’n mannetje! Een bedrijf uit Roermond heeft al zo’n vriendelijk robotje aangeschaft. Hij heet Nao, herkent gezichten en voelt aan of iemand vrolijk of gedeprimeerd is. Hij kan stofzuigen, doet aan tai ji en kan gymlessen geven.
De ondernemer uit Roermond ziet in eerste instantie vooral mogelijkheden in verzorgingstehuizen voor Nao. Hij kan basistaken uitvoeren, waardoor zorgmedewerkers meer tijd hebben voor menselijk contact. Maar hij kan ook de eenzaamheid een beetje verdrijven, omdat-ie al zo menselijk is.

Bij de ondernemer thuis is Nao inmiddels deel van het gezin. Stinkjaloers ben ik. Nu ik weet dat Nao bestaat beginnen allerlei huishoudelijke taken op mijn zenuwen te werken – de tijd die ik kwijt ben aan stompzinnige dingen die voortdurend terugkeren, zoals stoffen en het dweilen van de keukenvloer.

En weet u wat-ie kost? Tienduizend euro! Daar kan geen zzp’er tegenop.
Al die rotkarweitjes en rotbaantjes gaan dus in de toekomst verdwijnen.
De wc-juffrouw zal niet meer bestaan. In haar plaats komt een robot die ook aan het eind van de dag nog vrolijk de lap over de wc-bril haalt en je een fijne dag wenst. Champignonplukkers, afwassers, kartonvouwers – ze gaan allemaal tot het verleden behoren.

Een schrikbeeld, zegt u? Nee, hoor, want die wc-juffrouw, die afwasser en die kartonvouwer hebben dan hopelijk in de toekomst een of andere vorm van basisinkomen.

Het basisinkomen leeft, linksom of rechtsom. Ook de gemeente Maastricht bereidt een experiment voor. Afgelopen woensdag was er een debat over, in een volle zaal, met als uitgangspunt: als er steeds minder werk is, dan moet een basisinkomen in elk geval onderzocht worden.

Het aantal mensen in de bijstand groeit en al deze mensen worden tot passiviteit gedwongen: de godganse dag zijn ze bezig de eindjes aan elkaar te knopen en de regeltjes te volgen, bang dat ze gekort worden.

Uit eerdere experimenten is gebleken dat mensen met een basisinkomen actiever worden. Er is een prikkel om geld te verdienen, ze kunnen iets van het geld investeren in een eigen bedrijfje, een korte opleiding. Ze worden optimistischer, gezonder.

Ook veel zzp’ers en flexwerkers komen nauwelijks boven een bestaansminimum uit. In de creatieve beroepen, de kunst, de muziek, het toneel, de literatuur, werken mensen vaak voor een appel en een ei – ach, u doet dit toch voor uw plezier, moet u er ook nog geld voor? Kijk eens, hier is een flesje wijn voor u.

Ik zeg: iedereen een robot en een basisinkomen!
En met dit vooruitzicht wens ik u een prachtige zomer.

[luister hier naar de column in de radiouitzending De Stemming]

Je kunt niet reageren.