ALS HET OVER DE HOLLE WEG GAAT, VALT AL HET ANDERE STIL

De Limburger, 15 oktober 2022

Wat is thuis? Misschien omvat het tien, twintig vierkante kilometer: de omgeving waarin je je dagelijks beweegt, met herkenningspunten die je bestaan verankeren. De bakker, het café, de frituur. De buurthonden en -katten. De bomen. Kijk, hier is de kersenboom die elk jaar zo mooi bloeit en nu langzaam begint te verkleuren, daar de knoestige kastanjeboom die zijn kastanjes wild om zich heen lijkt weg te werpen: overal liggen ze, glanzend en donker, op het pad, op de weg.

Omdat ik lang in het buitenland heb gewoond weet ik: overal kun je thuis zijn. Je hecht je aan de dingen en de mensen in je omgeving, het piepkleine zaakje van de kleermaker, de bewaker met zijn shotgun die lusteloos tegen de deurpost van de buurtwinkel leunt. En geluiden, ik vergat geluiden. Het weemoedige geluid van de voorzanger in de minaret in het dal beneden, het sjwoesj sjwoesj van de takkenbezems in de vroege ochtend. Het krijsen van de ibis.

Maar ook vieze dingen, ook daaraan hecht je je. De eeuwige, uitpuilende vuil­containers op de hoek van de straat, de dikke laag stof op de ramen van het gemeentekantoortje, het pisstraatje (geuren!) waar al de taxichauffeurs tegen de muur plassen. Nu valt me in: het verhaal van het kind dat elke dag alleen werd gelaten, tegen wie nooit gesproken werd. Het kind hechtte zich aan de hijskraan buiten, en het piepende geluid dat de kraan produceerde werd de taal van het kind.

In Maastricht hoor ik weer de kerkklokken van vroeger, een vertrouwd geluid. Ik hoop dat de klokken blijven als de kerk een yogapaleis wordt. Toen ik laatst langs de bekende, kolossale eik kwam, bleek hij gekapt. Ik keek in het gapende, witgele gat van de stam: dor hout, aangetast door schimmel of een geheimzinnig virus dat al jaren woekerde. Er rafelde een stukje van mijn hart – dat gebeurt als je thuis bent.

Thuis is nu ook: de koeien in de wei, de holle weg. O, als het over de holle weg gaat, valt al het andere stil. Er is geen plooi in het Zuid-Limburgse landschap die zoveel emoties oproept. Je duikt erin en meteen voel je je opgenomen in het land, in de aarde. De bomen buigen zich over je heen en omsluiten je, maar niet te dicht, je hebt nog alle vrijheid om te gaan, om het licht dat tussen de bladeren danst op te vangen.

De holle weg is voor mij even indrukwekkend als de rotsformaties in de woestijnen van Australië of Afrika die ik zag. Even stil, even oeroud. Maar als het land naast de holle weg intensief bewerkt wordt, kun je de holle weg vergeten. Natuurgebieden bestaan niet, zegt Edmond Staal, die dit najaar afscheid neemt van zijn werk bij Het Limburgs Landschap. Natuur staat niet op zichzelf. We hebben natuur en landschap in bruikleen, zegt hij, en we zijn verplicht die in betere staat door te geven aan volgende generaties.

Je kunt niet reageren.