Alleen werk is oplossing voor Afrikaanse migranten

De Limburger 23 augustus 2018

In Sicilië mochten deze week weer 177 migranten die gered waren door een kustwachtschip niet aan wal komen. Dit is het zoveelste schip waarover Italië stennis maakt: dat andere EU landen het maar eens opknappen. Wie zijn die migranten en waarom blijven ze hun leven wagen? Een van de grootste Afrikaanse vertreklanden is Nigeria. Daarom besloot een journalist van De Correspondent, Maite Vermeulen, zich daar een tijd te vestigen. Jonge Nigerianen staan te trappelen om de oversteek te wagen: alles is beter dan nietsdoen. Jongeren met universitaire diploma’s in economie, internationale betrekkingen en accountancy rijden rond als taxichauffeur of verdienen wat geld als metselaar. Maar niet alleen de opgeleiden willen weg, ook jongeren met nauwelijks lagere school komen deze kant op. Ze steken zich in de schulden in de verwachting het geld in Europa snel te kunnen terugverdienen. Elke euro is welkom: thuisblijvers zijn al blij als hun kinderen in een detentiekamp in Italië zitten: daar krijgen ze elke maand vijftig euro leefgeld en die sturen ze naar huis.

Vermeulen reisde af naar de stad waar het overgrote deel van de Nigeriaanse migranten in Europa vandaan komt: Benin City. Vrijwel elk gezin heeft hier zonen en dochters in Europa. Er is een heel prostitutienetwerk ontstaan rond moeders, dochters en ‘madames’, ronselaars die ervoor zorgen dat jonge meisjes de overtocht naar Italië wagen: sommigen denken dat ze kinderoppas worden, de meerderheid weet dat het om prostitutie gaat, maar ze hebben daar geen beeld bij en denken en hopen ‘dat het wel meevalt’.

Met de euro’s uit Europa worden huizen gebouwd, winkeltjes en bedrijfjes opgezet, opleidingen betaald. Er heerst diepe frustratie en wantrouwen naar de overheid: de weinige banen die er waren – bij het staatsbusbedrijf, bij de staatsbrouwerij – verdwenen. De plaatselijke gouverneur beloofde met internationaal hulpgeld fabrieken te bouwen om cassave en palmolie te verwerken en banen te creëren. Maar dergelijke beloftes zijn al zo vaak gedaan. ‘Zolang ons systeem niet werkt, komt het geld toch niet bij ons terecht,’ zegt een Nigeriaan. ‘Maar het geld van migranten komt direct bij degenen die het nodig hebben.’

Migratie is deel van de reden dat het in Afrika beter gaat. De meeste Afrikanen komen niet om te blijven – ze willen werken en geld verdienen, en in Europa is werk. Maar voor laaggeschoolden zijn er nauwelijks mogelijkheden om legaal binnen te komen. Waarom niet? In 2007 liet Spanje een aantal mensen per jaar legaal komen uit Senegal. Spanje betaalde trainingen, zodat Senegalezen zich konden kwalificeren voor werkvisa. Het werkte. Drie jaar later arriveerden er nauwelijks nog Senegalezen op de Canarische Eilanden.

De olifant in de kamer is: wat doen de regeringen in de landen van herkomst zelf? Waarom zorgen ze er niet voor dat ontwikkelingsgeld gebruikt wordt voor het creëren van bedrijvigheid? Een hoopvol land is Ethiopië, na Nigeria het Afrikaanse land met de meeste inwoners (100 miljoen). Daar is een nieuwe premier aangetreden, Abiy Ahmed. Hij is een verzoener, zoekt regionale samenwerking en heeft een visie op het land: het moet democratischer, opener, liberaler. Hij weet dat alleen stabiliteit in de regio investeerders aantrekt: de weg naar banen en groei voor jonge mensen.

Dichter bij huis gebeurt er iets bijzonders in het klein: in Eckelrade bij Maastricht zetelt Wereldtools. Het project steunt migranten heel praktisch bij hun terugkeer: met een grote kist vol materialen die ze zelf kunnen samenstellen. Sinds de start van het project zijn ruim vijfhonderd terugkeerders met een kist geholpen. Een greep uit de bedrijvigheid die ze thuis zijn begonnen: computer reparatie, internetcafé, kippenboerderij, laswerkplaats, bruidsjurkenverhuur, stroomverhuur, vertaalbureau en…een persbureau!

 

 

 

 

 

Je kunt niet reageren.