Waar blijft de sociaaldemocratie? (2)

De Limburger, 25 januari 2018

 

In reactie op mijn vorige column, waarin ik me afvroeg waar de grote sociaaldemocratische beweging blijft, vroegen een paar lezers zich (verontwaardigd) af hoe ik een link kon leggen met de PVV. Dat zal ik uitleggen.

Ik zie drie redenen waarom mensen die vroeger sociaaldemocratisch stemden tijdens de laatste landelijke verkiezingen zijn afgehaakt. De PvdA heeft in de regeerperiode met de VVD op z’n best de scherpste randjes kunnen afvijlen van het doorlopende neoliberale beleid – zoals ik schetste in mijn vorige column: steeds minder overheidsuitgaven kunnen gefinancierd worden met de opbrengst van winst- en dividendbelasting, terwijl de winst van grote ondernemingen torenhoog blijft groeien. Op z’n slechtst is de PvdA medeverantwoordelijk voor de afbraak van sociale voorzieningen en de opkomst van een samenleving waarin er steeds minder geld verdiend wordt door arbeid en steeds meer door vermogen.

Ten tweede, belangrijker, is het gegeven dat de sociaaldemocratie – ik zeg het breed, want naast de PvdA geldt dit ook voor GroenLinks en de SP – niet in staat is geweest een eigen, brede visie op de toekomst te ontwikkelen. Een visie die ver vooruit kijkt, niet vier jaar, maar veertig jaar. Een visie die de grote vragen verbindt: bestaanszekerheid in de toekomst van mensen zonder vermogen (gaat de aow straks helemaal afgeschaft worden, omdat we allemaal 90 worden?), de robotisering, de grote migratiestromen, vragen rond data en privacy (overheid en grote bedrijven als Big Brothers), het milieu.

Ten derde, misschien wel het belangrijkste punt, sociaaldemocratische partijen zijn niet in staat geweest een brug te slaan tussen degenen die sociaaleconomisch geconfronteerd worden met stilstand of zelfs achteruitgang (inclusief de eerste generatie Turkse en Marokkaanse migranten) en de meer bemiddelde en hogeropgeleide, progressieve en jonge idealistische burgers.

Het resultaat is polarisatie en versplintering van partijen en partijtjes die elk voor een eigen zaak strijden: de ouderenpartij, de dierenpartij, de moslimpartij, de anti-moslimpartij, de Nexitpartij, de anti-elitepartij…Een onontkoombare vraag doemt op: is het huidige politieke bestel nog wel houdbaar? Zou het niet veel beter zijn wanneer burgers zouden kunnen stemmen over thema’s in plaats van op partijen?

Naast economische onzekerheid is migratie het belangrijkste thema dat burgers bezighoudt en uit elkaar drijft. Een sociaaldemocratische beweging zou daarom alles moeten inzetten op het slechten van de uit de hand gelopen tegenstelling tussen Gutmensch en vreemdelingenhater, tussen voor of tegen vluchtelingen, tussen ‘humane’ en ‘strenge’ opvang. Er moet een helder, rationeel migratiebeleid komen, met een duidelijk onderscheid tussen asielzoekers die vluchten voor oorlog en vervolging en zij die op zoek zijn naar werk en een beter leven.

Migratie zou een bron van groei en verbinding moeten zijn, stelt Antonio Guterres, de secretaris-generaal van de VN, in een recent opiniestuk in NRC. Hij schrijft: ‘Het lot van de duizenden die sterven in pogingen om zeeën en woestijnen over te steken, is niet alleen een menselijke tragedie. Het geeft ook de ernst van het falende beleid weer: namelijk dat ongereguleerde massabewegingen in wanhopige omstandigheden het gevoel voeden dat grenzen worden bedreigd en dat regeringen de situatie niet onder controle hebben.’

Het is precies dat gevoel dat mensen naar populistische partijen drijft. Het is dus zaak het beleid om te gooien. Guterres stelt dan ook voor om legale migratieroutes in te voeren. Hierdoor kunnen overheden de buitenlandse arbeid aantrekken die ze nodig hebben, terwijl migranten de kans krijgen om geld te verdienen en het leven van hun families thuis te verbeteren.

Waar het om gaat is dat de belangrijke thema’s partij-overstijgend zijn. Als sociaaldemocraten niet in gesprek gaan met de mensen die ze zijn kwijtgeraakt – zoals PVV’ers – hebben we straks een Nederlandse variant van Trump als premier.

 

 

 

 

 

 

 

Je kunt niet reageren.