In Nederland

FERRAN ADRIA IN MAASTRICHT

[De Stemming, L1, 27 maart 2016]

Twee Catalanen waren afgelopen week in het nieuws. Eerst Ferran Adria, die de beste kok ter wereld genoemd wordt en die dankzij Marres -Huis voor Hedendaagse Cultuur- een bezoek bracht aan Maastricht. En toen Johan Cruijff, voor velen de beste voetballer ter wereld.

Johan Cruijff leidde jarenlang het beste voetvalteam ter wereld, FC Barcelona, Ferran Adria het beste restaurant ter wereld, El Bulli aan de Costa Brava, niet ver van Barcelona.

El Bulli werd bekend als het restaurant waar je een half jaar van te voren moest reserveren. Waar je in plaats van een voor-, hoofd- en nagerecht een stroom aan kleine gerechtjes geserveerd kreeg, elk een volledig nieuwe culinaire uitvinding. Een uitvinding die niet alleen om smaak draaide, maar om een totaalsensatie van mond, neus, ogen en oren. Een beleving.

De meesterkok experimenteerde erop los met alle mogelijke ingredienten en technieken – Das Parfum van Patrick Suskind was zijn inspiratie.
Dat hij daarbij ook chemische processen en poeders inzette, lag in de lijn van zijn totale overgave, of moet je zeggen monomanie, aan het scheppen van nieuwe sensaties, van ‘creatieve emoties’ zoals hij het zelf noemt.

Het leverde twee van zijn befaamdste gerechten op: de Verdwijnende Ravioli en de Sferische Olijf. De Verwijnende Ravioli is gemaakt met Japanse obulato, een soort suikerpapier dat oplost zodra het in je mond landt; de Sferische Olijf is een kunstmatig geconstrueerde olijf gevuld met olijfsap die juist in je mond ontploft.

Die olijf werd een van de exemplarische gerechten van wat de moleculaire keuken ging heten, een keuken die naar verloop van tijd -en in de handen van minder vaardige koks- uitmondde in een karikatuur van zichzelf: een kille, technische keuken, alleen nog gericht op de ontwikkeling van spectaculaire noviteiten.

Ferran Adria was in Maastricht om te koken, te praten en handtekeningen uit te delen. In Centre Ceramique ging hij in dialoog met het publiek. De superkok bleek een kleine, beminnelijke Spanjaard, die van alle vragen lange, gepassioneerde monologen maakte, waar voor het grootste deel geen touw aan vast te knopen was. Niemand die er aanstoot aan nam: hier sprak een genie.
Aan wie doet u dit denken?
Precies, aan Johan Cruijff, het grote idool van Adria. Als kind wilde hij voetballer worden en Cruijff was zijn held. Het verhaal gaat dat Adria Cruijff ooit om een handtekening vroeg.
Stelt u zich voor hoe dat gegaan is:

Cruijff: Vaak moet er iets gebeuren, voordat er iets gebeurt.
Adria: Je raakt geprikkeld en dat is dat.
Cruijff: Er is maar één moment dat je op tijd kunt komen. Ben je er niet, dan ben je óf te vroeg, óf te laat.
Adria: Want als je over de rand gaat, dan wordt het niks meer, dus je moet tot aan de rand gaan.
Cruijff: Je moet schieten, anders kun je niet scoren.
Adria: Het moet exploderen, niet plakken.
Cruijff: Je moet een gat laten vallen en er dan zelf inlopen.
Adria: Je moet niet iets doen, je moet creëren.
Cruijff: Maar ja, je gaat het pas zien als je het doorhebt.
Adria: Precies! Pas als je er goed over nadenkt, gaat het goed.

Met andere woorden: voetbal is geen oorlog, maar koken.

[luister hier naar de column in de radiouitzending De Stemming]

Je kunt niet reageren.