Archief voor juni, 2018

De rommel van rechts

De Limburger, 14 juni 2018

Groot buitenlands nieuws vorige week. Van Le Figaro en The Washington Post tot de Indian Express: Rutte stal de show door zelf de koffie op te dweilen die hij had geknoeid. De Nederlandse gelijkheid! Maar hier kwam Rutte die dag met heel ander geknoei in het nieuws: de dividendbelasting. Alweer.

Onderzoeksplatform Follow the Money toonde aan dat door Shell gefinancierd onderzoek aan de basis stond van de afschaffing van de dividendbelasting. Het vreemde is: de VVD heeft nooit met een wetenschappelijk stuk gezwaaid om de afschaffing te beargumenteren. Dijkhoff sprak van ‘een gok’, Rutte zelf ‘voelde in al zijn vezels’ dat het een goed plan was. Dat gebrek aan onderbouwing was voor de oppositie nou net de grote frustratie. Nu weten we dat die onderbouwing er dus wél was. Alleen: die werd door Shell betaald; Shell was samen met VNO-NCW, Unilever, Akzo Nobel, Philips en DSM opdrachtgever. Geen wonder dat Rutte liever zei dat-ie op z’n onderbuikgevoel afging.

‘Dit gaat over de democratie,’ reageerde Groen-Links voorman Jesse Klaver terecht. ‘Wie is de baas in Nederland?,’ vroeg hij zich af. Goeie vraag. Steeds minder de Nederlandse burgers. Lobbyisme van multinationals is zo invloedrijk geworden dat belastinginkomsten uit winst van deze grootbedrijven al dertig jaar teruglopen, een wereldwijde trend. Het is een race naar de bodem en Nederland loopt daarin voorop. De prijs wordt betaald door het midden- en kleinbedrijf: stijgende sociale premies, verhoging van de btw. En door ons allemaal: de koopkracht gaat vrijwel niet vooruit en elk jaar gaat er minder geld naar de schatkist, elk jaar dus minder geld voor publieke voorzieningen, voor onderwijs, politie, rechtspraak.

Die dividendbelasting ligt inmiddels als een steen op de maag van Rutte en zijn coalitie. Coalitiegenoot Gert-Jan Seegers van de Christen-Unie sprak op de radio van een ‘meloen’ die hij moest doorslikken, omdat een coalitie nu eenmaal offers vraagt. Die meloen ligt hem zwaar op de maag. Seegers heeft daarom de strijd met het neoliberalisme aangebonden; hij waarschuwde verleden week dat we ‘dansen op een vulkaan’: banen zijn onzeker, huizen zijn onzeker, inkomens zijn onzeker. Hij wil een rechtvaardiger belastingstelsel en meer zeggenschap voor burgers. ‘Wat we nodig hebben is nieuwe zekerheid.’

Een dappere zet van Seegers. ‘Nieuwe zekerheid’ zou in de komende jaren weleens een sleutelterm kunnen worden. Links wordt verweten geen nieuwe ideeën te hebben voor het tackelen van de groeiende sociale ongelijkheid die leidt tot afnemende solidariteit, polarisering en wantrouwen in de politiek – gevolgen die desastreus zijn voor de democratie. Maar welke ideeën heeft rechts? De partij voor de hardwerkende ondernemer heeft een oneerlijke concurrentie gecreëerd tussen grote en kleinere bedrijven. Wat gaat ze daaraan doen? Wat een valse triomf om, zoals VVD-kopman Dijkhoff deed, zelfingenomen te roepen dat ‘we gewonnen hebben’. De problemen zijn niet rechts of links. Ze gaan iedereen aan. Kom eens met frisse ideeën, zou ik zeggen.

De Correspondent kwam laatst met een idee: ‘de basiszekerheid’, als opvolger van het basisinkomen, waar teveel haken en ogen aan zitten. De basiszekerheid komt neer op een negatieve inkomstenbelasting. Mensen die onder de armoedegrens zakken – de helft van de armen in Nederland heeft gewoon een baan – hoeven geen belasting te betalen en krijgen zonodig geld erbij. Zo blijft werken lonen en wordt bestaanszekerheid gegarandeerd.

Trouwens, dat een dweilende Rutte internationaal in het nieuws kwam, komt niet door zijn streven naar gelijkheid, maar omdat hij internationaal in the picture is. In Europese kringen wordt hij gezien als de topkandidaat om Donald Tusk op te volgen als voorzitter van de Europese Raad. De rommel die hij achterlaat, mogen wij hier dan zelf opruimen.

 

 

 

 

Reageer

Burgemeester Van Grunsven in het Maankwartier

De Limburger, 31 mei 2018

Wat zou burgemeester Van Grunsven van het Maankwartier gevonden hebben?, vroeg ik me af toen ik vorige week over het Maanplein wandelde. Het Maankwartier is de nieuwe stationswijk van Heerlen, waaraan sinds 2012 gewerkt wordt. Idee en ontwerp zijn van kunstenaar Michel Huisman, de regerende SP zette er haar handtekening onder en sindsdien verkeren Heerlenaren tussen hoop en vrees: gewaagd bouwkundig kunstwerk of megalomaan waanzinkwartier? Grandioos visitekaartje van het hernieuwde Heerlen of suïcidaal vastgoedproject?

Marcel van Grunsven was vijfendertig jaar lang burgemeester van Heerlen, van 1929 tot 1962. Al in de jaren direct na de oorlog wilde hij een nieuw station voor Heerlen. Het oude station uit 1913 paste totaal niet meer bij de moderne hoofdstad van de Mijnstreek, vond hij. Van Grunsven was een man met een missie, wat heet, hij was geobsedeerd door het beeld van Heerlen als stad van de toekomst, zo blijkt uit het prachtige boek Moderne Tijden van Joos Philippens.

Al vroeg wist Van Grunsven: een jonge industriële stad als Heerlen, met zoveel mensen uit verschillende windhoeken, kon niet anders dan de vlucht naar voren nemen. De eyeopener kwam toen hij in Stuttgart de Weissenhofsiedlung bezocht, een modelwijk ontworpen door zeventien Europese architecten onder artistieke leiding van Mies van der Rohe, pioneer van het Nieuwe Bouwen. Daar in Stuttgart zag hij de toekomst van het moderne, stedelijke wonen voor de gewone man: licht, modern, nieuw.

De burgemeester wist wat hem te doen stond: de anti-stad Heerlen, met zijn verstrooide, donkere mijnkoloniën op afstand van de stad, moest tot een licht en strak geheel gesmeed worden. Een stad met lijnen en ruimte, Amerikaans, met grootsteedse hoog- en laagbouw en een winkelcentrum aan de rand, waar de arbeider in de toekomst zijn eigen auto kon parkeren. Hij ging hoofdaalmoezenier Poels, de invloedrijke geestelijk vader der mijnwerkers die zijn kinderen graag kleinhield, schaakmat zetten. Hij ging de Heerlense mens optillen en verlichten.

Hé, daar komt-ie! Van Grunsven arriveert aan de noordkant van het Maankwartier en is verheugd: een monumentale toegang met strakke trappen. Op het Maanplein: hoge ramen, ruime balkons. Dat het spoor overwonnen kan worden en een bebouwde plaat de zuidkant van de stad straks verbindt met het stadsdeel aan de overkant ervaart hij als een huzarenstuk. Hij denkt terug aan het Retraitehuis op de Molenberg: onmogelijk, hadden de ingenieurs van Oranje-Nassau gezegd, er liggen mijngangen onder, het gebouw zal instorten. Maar architect Peutz had er iets op bedacht: een staalskelet, losse dragende kolommen en bewegende buitenmuren.

Van Grunsven is nieuwsgierig geworden naar dat stadsdeel aan de overkant. Hij loopt de trap af en is verrast: niet alleen Europeanen komen nu naar Heerlen, maar ook mensen uit Afrika en Azië. Hij ziet ze staan bij de bushaltes op de Spoorsingel. De Spoorsingel! Als door de bliksem getroffen blijft hij staan: het legendarische, strakwitte gebouw van Touringcar en Hotel White Cars is zwart geschilderd. Zwart! Hij spreekt er meteen, nogal autoritair, een man over aan bij de bushalte. Deze mompelt het woord ‘urban’. Urban! Maar dat is het woord waar hij voor gevochten had: urbane architectuur! Hoe kon zwart urbaan zijn?

Verward loopt hij naar een winkel, de Jumbo, waar hij De Limburger koopt. De Oostelijke Mijnstreek, leest hij, kleurt donkerrood op een kaart van problematische schulden: armoede, achterstand, psychische problemen, stress. Wat is er gebeurd? Had hij niet al in 1929 gezegd dat Heerlen op een tijdbom zat? Hij was op zoek gegaan naar nieuwe industrieën, maar de directie van Oranje-Nassau had hem tegengewerkt. Hij wandelt het Maankwartier uit. Om de hoek staat een bord: Brightlands Smart Services Campus. Zou dat de toekomst van Heerlen zijn?

 

 

 

Reageer